< Terug
Kommaneuker over kommagebruik
De komma is belangrijker dan je denkt. Want verkeerd kommagebruik zet je lezer op het verkeerde been:
‘Ik hou van kinderen koken en lezen.’
Tenzij je een psychopaat bent die graag kinderen kookt, zet je een komma na kinderen.
Juist gebruik van komma’s kan levens redden:
‘Eet je mee grootvader?’ is een uitnodiging om opa te verorberen.
‘Eet je mee, grootvader?’ is een verzoek aan je opa om samen te eten.
Wanneer plaats je een komma?
- In opsommingen: Ze eet een appel, een peer en een banaan.
- Als je een rustpauze hoort in de zin: Hij deed aan voetbal, zij aan ballet.
- Tussen opeenvolgende persoonsvormen: Zodra je mij belt, spring ik in mijn auto.
- Voor voegwoorden zoals maar, terwijl, omdat, … : Ik ga vroeg naar bed, maar sta ook vroeg op.
- Voor en na bijstellingen: Meneer Verbiest, de leraar Frans, geeft ons veel huiswerk.
- Voor of na een aanspreking: Blijf je thuis, grootvader?
- Als de zin een andere betekenis krijgt:
- Filip, de broer van Tim, en Nico kijken samen tv. (twee mensen kijken samen tv: Filip en Nico)
- Filip, de broer van Tim en Nico kijken samen tv. (drie mensen kijken samen tv: Filip, Tims broer en Nico).
Zelf geen kommaneuker? Huur er dan eentje in die correct kommagebruik hanteert.
